Zo wordt wetenschap echt leuk

| Recensie
Zo wordt wetenschap echt leuk

Heb jij ooit een knoop in een kippenbotje gelegd? Of een ei laten stuiteren? Deze en vele andere trucjes worden uit de doeken gedaan in het boek ‘Wetenschap in de keuken’ van dr. Michelle Dickinson. In het boek worden vijftig experimenten beschreven om thuis of in de klas met kinderen uit te voeren. De experimenten worden omlijst met kleurrijke foto’s en vrolijke tekeningetjes waardoor het boek een visueel feest is om door te bladeren. Jammer is het wel dat wat slordigheidsfoutjes in het boek zijn geslopen, zoals een foto die per ongeluk bij het verkeerde proefje staat. De fouten hebben gelukkig geen gevolgen voor de uitvoering van de experimenten, maar doen toch een beetje afbreuk aan de verder prachtige uitwerking van het boek.


Dr. Michelle Dickinson is nanotechnoloog en probeert onder de naam Nanogirl wetenschap toegankelijk te maken voor kinderen. Ze werd geïnspireerd tot het maken van dit boek door een vrouw die een taart voor haar team had gebakken. Het hoofdstuk ‘experimenten met eten’, overigens het hoofdstuk met de meeste ‘recepten’, is waarschijnlijk een voortvloeisel uit deze inspiratiebron. De veelzijdigheid van de hoofdstukken laat zien dat wetenschap veel meer behelst dan serieuze mensen in witte jassen. Dickinson wil vooral kinderen inspireren en ze leren om problemen op te lossen.

 

Eenhoornnoedels en eetbaar slijm

De experimenten zijn gevarieerd, origineel en spannend en spelen goed in op hedendaagse trends, bijvoorbeeld met eenhoornnoedels en eetbaar slijm. Houd er rekening mee dat voor meerdere experimenten een oven, magnetron of fornuis nodig is; dit beperkt de hoeveelheid experimenten die in de klas uitgevoerd kunnen worden. Doordat de experimenten per hoofdstuk zijn gesorteerd op moeilijkheidsgraad is het makkelijk om voor jongere kinderen geschikte experimenten uit te kiezen. Ook geeft dit een leuke uitdaging aan kinderen om alle recepten af te vinken en zo een meester te worden in een bepaald onderwerp. Kinderen worden met het kopje ‘verder kijken?’ gestimuleerd om oplossingsgericht te werken en na te denken over de gevolgen van aanpassingen aan het experiment. De achterliggende wetenschappelijke principes, die overigens per experiment staan aangegeven, worden uitgelegd in een apart kader. Het niveau van deze uitleg komt soms niet helemaal overeen met het niveau van de proefjes zelf. De uitleg bevat termen als ‘micellen’, ‘nevenproducten’ en ‘denatureren’ zonder verdere uitleg en is in een enkel geval wat ingewikkeld om te volgen. Dit maakt het boek qua theorie voornamelijk geschikt voor oudere kinderen onder begeleiding van een ouder of docent. Aan de andere kant zullen de kleinsten onder ons waarschijnlijk meer boodschap hebben aan het experiment zelf dan aan de wetenschappelijke achtergrond, en dit is ook uiteindelijk het belangrijkste doel van de schrijfster: kinderen leren nieuwsgierig te zijn, dingen uit te proberen en te leren van hun fouten.


Dit boek is niet alleen een feestje om te zien, maar bevat een arsenaal aan leerzame en vooral leuke proefjes. Dat een deel van de experimenten naderhand verorberd kan worden (iemand nog een eetbare worm?) draagt alleen maar bij aan de feestvreugde. Uren plezier gegarandeerd!


Wetenschap in de keuken

Dr. Michelle Dickinson

Fontaine Uitgevers

ISBN 978 90 5956 974 4

Hardcover, 176 pagina’s, 19,99 euro

foto Karlijn Keessen door
Karlijn Keessen